Fabrikanten

Best verkochte producten

Er is nogal wat onduidelijkheid over wat een reptiel nou wel of niet mag eten. Hieronder een lijst wat wél mag. Deze wordt steeds uitgebreid. Mis je iets? Mail dan naar info@reptielenclub.nl

Onderaan de pagina zie je 12 belangrijke regels voor het voeren van reptielen en amfibieën.

Baardagaam

Dierlijk voedsel:

  • Dubia's - het beste kun je de kop verwijderen.
  • Duizenpoten
  • Kevers - de harde schaal is slecht te verteren voor zeker jongere dieren.
  • Krekels
  • Libelle - kleine variant
  • Miljoenpoten
  • Moriowormen - het beste kun je de kop verwijderen.
  • Naaktslakken
  • Nestmuizen
  • Pissebedden
  • Regenwormen
  • Rupsen - zonder haartjes
  • Sprinkhanen
  • Vliegen - alleen niet stekende vliegen)
  • Wasmotten - maximaal 4 per dag en niet elke dag want ze zijn erg vet.

Groente en fruit

  • Aardbeien
  • Andijvie
  • Appel
  • Aubergine
  • Banaan
  • Cocos - zorg dat dit kleine stukjes zijn & het betreft hier alleen het witte vruchtvlees uit een cocosnoot.
  • Dovenetels - alleen onbespoten uit de tuin halen.
  • Druif (wit) - in kleine hoeveelheden, maximaal 1 a 2 per week, ivm lage hoeveelheid tannine die hierin zit.
  • Grote weegbree
  • Honingmeloen
  • Kersen - vergeet niet de pit te verwijderen
  • Kiwi
  • Komkommer - dit bevat zeer weinig vitamine
  • Maïs
  • Mandarijn
  • Mango
  • Paardenbloem - de bloem en de blaadjes wel, de steel niet. (let op: alleen uit een onbespoten tuin halen)
  • Paprika
  • Peer
  • Perzik
  • Pruim - in kleine hoeveelheden, ivm de laxerende werking van pruimen > bij verstopping van de darmen is dit een goede aanrader.
  • Radijs - kleinere stukjes, ivm de hardheid van radijsjes.
  • Rode klaver
  • Roodlof
  • Sla - dit bevat zeer weinig vitamine
  • Sojabonen
  • Sperziebonen
  • Spinazie - alleen in kleine hoeveelheden
  • Tauge
  • Tomaat
  • Tuinkers
  • Watermeloen
  • Witlof
  • Wortels - alleen in kleine hoeveelheden

Twaalf regels voor het verantwoord voeren van terrariumdieren:
  1. Voer in principe zoveel mogelijk vers voedsel.
  2. Voer zo gevarieerd mogelijk.
  3. Verrijk het voer eventueel met de benodigde supplementen (vitamine, mineralen, ect).
  4. Pluk geen planten en vang geen voedseldieren in bermen langs drukke wegen (i.v.m. gebruik van chemicaliën en verontreiniging).
  5. Voer aangekochte voedseldieren eerst een tijd zelf met hoogwaardig voer, alvorens ze te voeren.
  6. Bedenk van te voren of je voor genoeg gevarieerd en voldoende prooidieren kunt zorgen. (15 insecten en een nestmuisje is voor een volwassen baardagaam per keer geen probleem).
  7. Reptielen en amfibieën kunnen ook overvoerd raken, zeker met eenzijdig vet voedsel zoals krekels en meelwormen.
  8. De meeste hagedissen en amfibieën worden in de regel drie tot vier keer per week gevoerd. Jonge dieren mogen dagelijks worden gevoerd. Slangen en geleedpotigen worden vaak eens per 1 á 4 weken gevoerd.
  9. Houdt rekening met een eventuele voedselhiërarchie in het terrarium. Soms krijgen de grotere dieren veel en de kleinere weinig tot niets. Besteed hier indien nodig extra aandacht aan zodat alle dieren voldoende voedsel krijgen.
  10. Laat niet onnodig levende prooidieren achter in het terrarium. Sommigen kunnen namelijk aan de reptielen of amfibieën gaan knagen.
  11. Voer op het juiste tijdstip. (dag en nacht actieve dieren)
  12. Voer jonge dieren voedsel dat niet breder is dan de helft van hun bek.

Volg ons op Facebook